Zevende gedicht voor Maria Magdalena (Paul Snoek)

Een spiegel is je mooiste zintuig.
Je ingezeepte lippen strelen hun stem
met een sprekende voorsmaak.

En ik betrap je, liefste, onder de douche,
waar je veelbelovend maar schoorvoetend
doet alsof je met een engel paarde.

Ik vergeef je dat ik hou van jou
en van je lichaam dat louter uit lippen
bestaat en uit sommige spieren,

waarmee je mijn bedwelming herkauwt
en waarmee je mij de vogelvrijheid geeft
in jou een reis te ondernemen van eeuwige seconden.

Je buit me uit tot op de huid. Je maakt me oud.
Je zuigt me uit totdat mijn laatste druppel
in je eindeloze trechter te pletter stort.

Je weet me op de aangenaamste wijze te vermoeien
en ’s morgens nog met al je lippen open,
je wordt opnieuw mijn roerend goed.

Je durft en daagt me uit
wanneer je uitgeput nog fluistert:
ik ben zo moe van mooi te zijn,

wanneer je liegt dat je een boek las,
waarin er sprake is van een engel
en je dan zegt: die engel, dat ben jij.

(Bron: Gedichten voor Maria Magdalena/Manteau)

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Paul Snoek en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s