Te bedenken (Paul Vanderschaeghe)

Te bedenken dat morgen de mispels rijpen,
dat morgen mijn lichaam meukt
en dat terzij de zonbloempitten kiemen
voor de zomer, mijn aanstaande.

Dit zet de harp aan mijn handen;
dit kleedt mij om tot wielewaal,
voorzegger die bedarend spreekt :
keten uw vrees niet in de kooi van hoop.

Misschien zwijg jij de stenen achterna
als in mijn keel de lijster begint.
Je bent teveel van de roos, teveel :
je houdt voorzichtig je hart onder de hand.

Luister. Zet de zin van je voelen,
jouw engelenhaar naar mijn lied.
Als je meetrilt in dit beeld
zijn wij gemeenzaam
mijn zang.

(Bron: Gedichten 70/Davidsfonds)

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Paul Vanderschaeghe en getagged met , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s