Koffiehuis (Paul van Ostaijen)

Razend. Gedwarrel van stemmen, tot één geraas vergroeid.
Hoge klarinetklanken. Saksofoon-geluiden en wat rest
daar tussen: geweldig koperen orkest.

De buffetjuffrouw dromend. Heimwee of verlangen ?
Alles is hier een open raadsel. De oplossing vindt echter geen.
Zacht autoritair de waard. Simbool van toekomst en verleen.

En ’t eeuwig spel van spelers schijn en wezen,
vast het gelaat, niet te doorlezen;
behoedzaam defensief, maar de sterkte van hen die niet vrezen.

Solidariteit der spel-geruchten,
van de tragies-ernstige domino’s, fatum-zwart
tot der biljartballen rood-wit luchtig vluchten.

Geblaseerde rasta’s; daarnaast huiselike dikbuiken, —
alles weerom schijn, —dames die eeuwig goedig toeluiken:
allen Babelbouwers van dezelfde gebazel-innigheid.

Gebannen is de innigheid uit de straat,
achtervolgde faun, binnen de koffiehuizen gedreven.
De zwakke muren zijn de sterke dam tussen dood en leven.

Bij ’t even openen der deur, klinkt wat daarbuiten is, de trem,
of ’t geroep van een venter, als een onheimelike stem:
heel even. Dan herneemt ’t orkest zijn razende galop.

(Bron: Profiel 6 Het spel en de knikkers, Han Foppe, Vogelvrij, Over Paul van Ostaijen/Meulenhoff Educatief)

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Paul van Ostaijen en getagged met , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s