Maandelijks archief: juni 2016

Het zonnespel (Aart van der Leeuw)

Zacht daalde een zondagsrust, ik lei mij dromend In ’t geurig bloemgoud, dat de wei bemint, En voor mij rees, het groene veld omzomend, Een berg van beuken, wuivend op de wind. Ik zag hun toppen, beurtlings licht en donker, … Lees verder

Geplaatst in Aart van der Leeuw | Tags: , | Een reactie plaatsen

Dat was niets meer… (Pol de Mont)

Dat was niets meer dan een even-wuiven van kleine handjes, zo blank als duiven, in ’t avondver; niets meer dan, plotseling, het opgeflonker van eêlgesteente in het wordend donker gelijk een ster; niets meer dan ’t kraken van kleine voeten … Lees verder

Geplaatst in Pol de Mont | Tags: , | 1 reactie

Op de Overtoom (Remco Campert)

Opgedragen aan Henk Hofland 20 juli 1927 – 21 juni 2016 Het dooit op de Overtoom maar het vriest ook alweer op melden mijn voeten die mijn dag verlopen ik blijf dicht bij huis steeds dichter dat is mijn leeftijd … Lees verder

Geplaatst in Remco Campert | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Brief aan Jan Greshoff (Jan Campert)

Het regent weer in dit gezegend land; d’r zit geen kip bij Riche op het terras, maar zomer-vreugde en de zonne-brand zijn god-zij-dank voorradig in mijn glas. Ik drink een glas met zomer en met zon, broeder, op jouw santé … Lees verder

Geplaatst in Jan Campert | Tags: , | 1 reactie

Brailleschrift (Ellen Warmond)

De onmacht tot het ene woord ligt als een telraam in mijn handen vloekend met blinde vingertoppen lees ik het brailleschrift van je gezicht naar me terug de scherpe lijn langs je mond spellend tranen tranen nachtenlang zoek ik de … Lees verder

Geplaatst in Ellen Warmond | Tags: , | Een reactie plaatsen

Zacht voor jou (Clem Schouwenaars)

Ik ben geen vermoeide krijger, geen grijsaard in een slaap van vele jaren. Hamert niet de hoefslag in mijn woord van jonge, bronstige paarden? Wie overmoedig daalt in kraters en klatergoud vergruist, noem ik mijn broeder. Maar ik zal zacht … Lees verder

Geplaatst in Clem Schouwenaars | Tags: , | 6 reacties

Leipzig – Hauptbahnhof (Hans Tentije)

De leegstaande seinposten onderweg, de ingeslagen ruiten en de onontcijferbare runentekens van de nachtelijke graffitispuiters, het heidense wondkruid, de guldenroede, bloeiend, overal langs de rails – kafkleurig en hoger dan de bouwkranen nog rijzen de silo’s op, bij haltes waar … Lees verder

Geplaatst in Hans Tentije | Tags: , | Een reactie plaatsen

De Avondgaarde (Victor de Meijere)

In de avondgaarde, waar de nevels waren om ’t hoog geboomt, wij dwalen en ’t gerucht der najaarsblaren, die gestadig vallen, lijkt van onszelven wel de intiemste zucht. Ons stemmen klinken doof en dof in de avond. Wij voelen diep … Lees verder

Geplaatst in Victor de Meijere | Tags: , | Een reactie plaatsen