Sonnet XVI (Pablo Neruda)

Amo el trozo de tierra que tú eres,
porque de las praderas planetarias
otra estrella no tengo. Tú repites
la multiplicación del universo.

Tus anchos ojos son la luz que tengo
de las constelaciones derrotadas,
tu piel palpita como los caminos
que recorre en la lluvia el meteoro.

De tanta luna fueron para mí tus caderas,
de todo el sol tu boca profunda y su delicia,
de tanta luz ardiente como miel en la sombra

tu corazón quemado por largos rayos rojos,
y así recorro el fuego de tu forma besándote,
pequena y planetaria, paloma y geografía.

=============================================

Ik hou van het beetje aarde dat jij bent,
omdat ik in alle melkwegweiden
geen andere ster heb. Jij weerspiegelt
en verveelvoudigt het heelal

Je grote ogen zijn het licht dat ik bewaar
uit de verslagen sterrenstelsels,
Je huid huivert net als de wegen
die de meteoor bereist in de regen.

Van zoveel maan waren voor mij je heupen,
van alle zon je diepe mond en zijn genot,
van zoveel gloeiend licht, als honing in de schaduw,

je hart geschroeid door lange rode stralen,
en zo bereis ik het vuur van je vorm,
en kus je, kleintje en planeet, duif en geografie.

(Bron: Honderd Liefdessonnetten (Cien Sonetas de Amor)/Prometheus)

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Pablo Neruda en getagged met , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s