Winterse dageraad (Michel van der Plas)

Winterse dageraad,
kom nog niet, kom nog niet:
tegen uw oevers staat
huiverend het riet.

Licht ontwend, heeft het zich
ijskussens toevertrouwd;
nacht maakt het nederig,
vorst maakt het oud.

Geen van de stengels draagt
zilveren pluimen meer;
koude en stormmisbaar
sloegen ze neer;

elk nest dat tussen hen
roerdompen hoedde is
naakt als de stengels en
kil van gemis.

Laat het riet rillen, ach,
laat het maar eenzaam zijn:
geef het geen goud, geen dag,
laat het zijn pijn.

Geef het geen goud: in ijs
leerde ’t berusten; o,
daarom, voor jaren wijs,
huivert het zo.

Winterse dageraad,
kom dus niet, kom nog niet:
tegen uw oevers staat
brekend het riet.

(Bron: Gedichten/Ambo)

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Michel van der Plas en getagged met , . Maak dit favoriet permalink.

Een reactie op Winterse dageraad (Michel van der Plas)

  1. liviavandermeulenskynetbe zegt:

    Zou een lied kunnen zijn! Zo muzikaal!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s