Categorie archief: David Troch

zo kijkt zij uit het raam (David Troch)

met handen op de vensterbank, met ogen op de rug. wie komt daar de kamer in? wiens adem voelt ze in haar nek? zeg eens wat, vreemde, eender wat. het hoeft niet iets liefs te zijn, het mag best een … Lees verder

Geplaatst in David Troch | Tags: , | 1 reactie

gezel (David Troch)

Winnaar Herman de Coninck Publieksprijs uit het niets kwam u op me af, boog u zich naar mij toe: ik wil u wel gezelschap houden. u gaf niet meer details. u zei niet: even. u zei niet: een leven lang. … Lees verder

Geplaatst in David Troch | Tags: , | 2 reacties

forever 27 club (David Troch)

wij verlieten gewoon het gebouw – liters lucht in de longen, zonnebril voor de ogen, deuntje fluitend – en vonden elders onderdak. waar, daar blijft het raden naar. pottenkijkers, persmuskieten dulden wij niet. wij, gelijkgestemden, klaverjassen godganse dagen aan rijk … Lees verder

Geplaatst in David Troch | Tags: , | Een reactie plaatsen

Zo maakt zij eten klaar (David Troch)

zo meteen is hij er, kust me op de mond, neemt me met al zijn liefde vast. hij vraagt niet eerst: wat eten we. zegt niet: wat ruikt het lekker. zegt: wat ruik je lekker, wat heb ik jou. enzovoort. … Lees verder

Geplaatst in David Troch | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Hoe wij zoenen (David Troch)

hoe vaak hebben wij elkaar gezoend in deze kamer of buitenshuis, in de supermarkt bijvoorbeeld bij het snoep- goed of in een park op een bankje bij de speeltuin waar alle kinderen de onze waren, zij zagen dat wij van … Lees verder

Geplaatst in David Troch | Tags: , , | Een reactie plaatsen